Laden...

Succes

→ Winkelwagen bijgewerkt

Info

→ Winkelwagen bijgewerkt

Succes

E-mail verzonden!

Fout

E-mail niet verzonden!

Fout

Artikel niet meer op voorraad!

Fout

Succes

Succes

Fout

BEREND EIJKHOUT


Berend Eijkhout (1989) studeerde aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag, bij Frans Fiselier en Gerda van Zelm. Momenteel wordt hij gecoacht door Nadine Secunde, Peter Lockwood en Frans Fiselier. In de zomer van 2015 zong Berend de rol van Figaro in de Barbier van Sevilla, bij het Franse Opéra Mosset. Sindsdien heeft hij bij verschillende gezelschappen en gelegenheden meerdere rollen uitgevoerd: Il Conte (Le Nozze di Figaro), Papageno (De Toverfluit), Plutone (l’Orfeo, Monteverdi), Tempo (Il ritorno di Ulisse in Patria), Apollon en Hérault (Alceste). Ook werkte hij mee aan twee wereldpremières: Who’s afraid of Orfeo? (Chiel Meijering), waarin hij de rol van Jup zong, en All Rise! (Jan Peter de Graaff), waarin hij de rol van Jean vertolkte. Als veelgevraagd concertzanger zong Berend in onder andere alle grote werken van Bach, de Requiems van Mozart, Brahms, Fauré en Duruflé, Messiah, Schöpfung, Jahreszeiten, Petite Messe Solennelle.

Zingen heeft voor Berend iets compromisloos: “ Je kunt het niet halfslachtig doen, het vergt volle overgave en inzet, zowel mentaal als fysiek. Ik houd van die uitdaging. Vervolgens geeft het aangaan van die uitdaging je de mogelijkheid om samen met anderen heel mooie muziek uit te voeren, waar het publiek dan hopelijk weer van geniet. Een win-winsituatie dus. Ik zing heel graag Brahms, Mahler en Vaughan Williams, maar ook Britten, Mozart en Haydn, Bach en Händel. En in de beslotenheid van mijn studeerkamer zing ik ook graag Puccini en Verdi.”

Volgens Berend heft het genre opera een potentie die nog niet ten volle wordt benut. “Opera spreekt tegenwoordig vooral het rijkere en hoger opgeleide deel van de bevolking aan, terwijl volgens mij veel meer mensen ervan zouden kunnen genieten. De thema's en emoties zijn vaak heel universeel. Naast het bestaande aanbod van opera in Nederland is er denk ik nog wel ruimte voor wat laagdrempeliger opera. Minder duur, toegankelijker en buiten de gebruikelijke theaters, maar natuurlijk wel met hoge kwaliteit zang en spel.”